zaterdag, juni 21, 2008

De postduif


Hij is geen albatros, niet toegerust
om over wereldzeeën heen te vliegen.
Hij wil slechts naar de til, zijn duivin wiegen
en koeren in haar oortjes, vol van lust.

William of Orange vloog van kust tot kust,
Om aan het Britse leger door te brieven
(de radio’s verstuurden geen missiven):
we reached the bridge at Arnhem. Germans crushed.

Het kokertje woog licht, de reis was zwaar.
De Britten, met een genereus gebaar
beloonden William met ‘t Victoria Cross.

Te laat, te laat. De Duitsers keerden weer en
men had hem vooraf moeten decoreren
met wijde vleugels van een albatros.








View My Stats

woensdag, juni 04, 2008

Keiko


Keiko

Zijn rugvin was geatrofieerd, zijn huid
door chloorwater bedekt met zure zweren.
Zestien jaar salto’s maken en jongleren,
't publiek begroeten met zijn blij gefluit.

Hij speelde in ‘Free Willy’. Naar verluidt
gingen toen filmbezoekers collecteren
opdat hij weer naar zee terug kon keren.
In IJsland zette men de orka uit.

Hij zwom naar Noorwegen. Hij miste mensen
en in de Skaalvikfjord vond hij ze terug:
de jeugd, die hij liet rijden op zijn rug.

Door wilde orka’s werd hij steeds gemeden,
want hij zong onherkenbare sequensen.
Na één jaar ‘vrijheid’ is hij overleden.









View My Stats

dinsdag, mei 27, 2008

Karavanserai


Een dichtbundel die me verbaasd en verrukt: Karavanserai van Martijn Benders. Beelden en metaforen die me stil maken (deels uit jaloezie), verbazen, soms hardop in de lach doen schieten. En dit is nog maar zijn debuut, niet te geloven. Tja, ik ben geen recensent, lees liever dit gedicht:
de doden

De doden zijn nooit uit ons voortgekomen.
Wanneer wij slapen vervallen zij
in oude gewoontes. Ze tellen oud geld
onder het bed, kammen hun verzonnen haren
recht of zetten vuilniszakken buiten. Alles met

onwisbare routine. Wij die hun
vage herinneringen zijn liggen recht
in bed, gesokkeld als kaarsen met
een dromerig vuur in het hoofd
dat hen aan thuis doet denken.

Wanneer hun schimmige gedachtes,
die klein zijn maar niets ontzien,
even van twijfel haperen
steken ze hun rafelige handen
onze dromen binnen

om zich te warmen, misschien,
of ergens nog iets te geloven,

om dit enig licht dat zij nog kennen
te doven tot alles donker is en de slaap
zich met open gordijnen aandient.

Karavanserai – Martijn Benders
Uitgeverij Nieuw Amsterdam
Paperback € 16,50
80 blz.
ISBN 978 90 468 0363 9






View My Stats

vrijdag, mei 16, 2008

Acoustic Kitty

Acoustic Kitty

’t Heet Koude Oorlog en Amerika
is bezig Rusland te bespioneren.
De CIA gaat katten opereren
en volstoppen met elektronica.

‘Acoustic Kitty’ bleef een kat, bijna.
Een vogel zou ze stoïcijns negeren.
Haar staart kon ook als luistermast fungeren,
ze zong niet meer haar krolse aria.

De cyborgpoes was klaar en mocht op pad
in Washington, om er haar werk te doen
rond een gebouw waar je veel Russen had.

Daar kwam ze als verklikster aangetreden
en werd na vijf jaar werk, twintig miljoen
voortvarend door een taxi platgereden.




View My Stats

donderdag, mei 08, 2008

Militaire dolfijnen


Dolfijnen zijn mensvriendelijk. Er zijn
berichten dat ze drenkelingen redden
en teder met hun neus het strand op bedden.
Wij gaan iets ruwer om met de dolfijn.

De flipper sonart vis, maar ook een mijn.
Hij leert om onderzeese mijnenvelden
al fluitend aan een adelborst te melden,
een liedje met een dodelijk refrein.

Ze dragen vestjes, waar een pijl in past
en schieten die in een spionnenbast.
Zo worden terroristen afgeweerd.

Katrina spoelde ze uit hun bassin.
Blij fluitend zwommen ze de vrijheid in
en schieten soms op duikers – als geleerd.








View My Stats

vrijdag, april 18, 2008

Animal Olympics


Chinese Animal Olympics

De olifant toortst in zijn slurf de vlam,
startsein in China voor ‘t Olympisch feest en
driehonderd willoos gedresseerde beesten
vechten of koorddansen ad nauseam.

Hier worden beren, apen offerlam.
Een renbaan waarover een aapje racet en
een beer bokst. Bij die vreemde beestenqueesten
zwaait het publiek het ringenmonogram.

In ’t Colosseum liet men leeuwen vechten
met bange christenen, want de Romein
was niet zo tuk op dier- en mensenrechten.

Een kampioenschap dat echt nieuw zou wezen
bij Animal Olympics: laat vilein
een lama vérspugen naar de Chinezen.








View My Stats

dinsdag, april 15, 2008

De baars


Op een gebouw in Monnickendam komt binnenkort dit gedicht van me te staan als muurschildering:
De baars
Hij schuift zijn snuit uit, zet een bochel op en is
de pionier van veensloten. Hij vlecht zijn eitjes
- tweehonderdduizend stuks - tot kantklos rijtjes.
In roomsaus smaakt hij goed, de fraaie waaiervis.











View My Stats

zaterdag, april 05, 2008

Katten op Bali



De oude dame legt met een devoot gebaar
- tot vreugde van de Balinese kat -
wat wierook, mandjes van bananenblad
gevuld met rijst neer op het huisaltaar.

Dan buigt ze, handpalmen tegen elkaar
en loopt met schuifelpasjes weg, zodat
de kat fluweelzacht sluipt op dievenpad.
Een heilig dier ontaardt tot bedelaar.

Het offer, voor de goden aangedragen,
mag nooit opnieuw worden gebruikt
en moet vergaan, desnoods in kattenmagen.

De kat springt lenig op de offerpaal
en sloopt de mandjes. Dan, besmuikt
eet hij zijn vegetarisch godenmaal.






View My Stats

maandag, maart 10, 2008

Dierenliefde


Hoe erg is het met onze dierenliefde?
De das houdt tegen nieuwbouw zijn poot stijf en
de zeggekorfslak mag in Swalmen blijven:
geen snelweg die er zijn terrein doorkliefde.

We noemden dieren zoals ons het bliefde:
Free Willy, King Kong, Knoet (Knut moet je schrijven).
Maar op zijn pool zie je geen schots meer drijven.
Bokito kent men. Hoe heet zijn geliefde…?

We huilen om geruimde biggen bij
het nieuws, een bord op schoot met balkenbrij.
Ons maal geen zand en steen, maar plant en dier.

De dierenliefde slaat snel om in stugheid
zodra een hamerhaai of vlo ons terug bijt.
Toch zullen we het samen moeten rooien hier.








View My Stats

maandag, maart 03, 2008

St. Elisabethsvloed



Een woord dat me ontroert, is niet verwijlen
noch doorgemost of tweezang, wolkenpracht:
van het woord dijkbewaking word ik zacht.
Het liefst in combinatie met Delfzijl en

ik stel me sterke mannen voor met bijlen,
oud, maar niet té, een soort getaande kracht.
Slaap maar gerust, zij houden guur de wacht.
Geen nood, ze hebben zandzakken en dweilen.

Ooit, bij zo’n watersnood, zag men een kat
die, zittend op een wieg, het wurm behoedde
voor omslaan en verdrinking in het nat.

Het kindje werd gered: een happy end.
Het heet nu Kinderdijk, waar ‘t water woedde.
Hoe het de kat verging, is niet bekend.








View My Stats

dinsdag, februari 26, 2008

De hommels


In bontjas hommelen ze uit hun woning,
gegraven in de gure wintergrond
en brommend tollen ze zondronken rond,
op naar de eerste bloemen, eerste honing.

Het is weer hommelles: zoek als beloning
de nectar, zoetvoer voor de hommelmond,
terwijl het stuifmeel plakt aan kop en kont,
de wollen koning siert met gouden kroning.

In Londen werden hommels uit het lab,
die bloemen nog niet kenden, losgelaten
op schilderijen, voor de wetenschap.

Ze vlogen niet naar Caulfield, Pyke Koch,
zelf niet Gauguin. De hommels zaten
massaal op zonnebloemen van Van Gogh.






View My Stats

dinsdag, februari 05, 2008

De zachte reus


Een bultrugwijfje in een visgebied,
verstrikt in kreeftenfuiken, moegestreden.
Driehonderd kilo trekt haar naar beneden.
Ze ademt moeizaam, piepend van verdriet.

Een reddingsteam van duikers aarzelt niet.
Met messen wordt haar ballast weggesneden.
Eén staartklap en het team is overleden,
maar ze wacht stil, terwijl ze hen bespiedt.

Moskito pakt zijn kromme mes en snijdt
het touw door in haar bek. Een peinzend oog
kijkt hem strak aan en geeft hem kippenvel.

Na uren is ze eindelijk bevrijd,
zwemt om haar redders in een blije boog,
stoot zacht Moskito aan als dankjewel.









View My Stats

donderdag, januari 31, 2008

Vooruit met de geit



In Soedan is de geit een koningin.
Barnstenen blik, de uiers als een schijf
vol melk voor de noodzakelijke vijf.
Het staartje wordt gespiegeld aan de kin.

Alifi had zo’n geit.’s Nachts niettemin,
trof hij zijn buurman Tombe naakt en stijf
gedrukt tegen het geitenonderlijf.
De dorpsoudsten hielden een Sanhedrin.

Een vonnis werd na rijp beraad voltrokken:
“Hij heeft Alifi’s geit als vrouw gebruikt,
nu moet hij vijftig dollar bruidsschat dokken.”

Zo trouwde Tombe met zijn wufte dame.
Hoewel ze mekkert en wat onfris ruikt
zijn ze – in huis of stal – gelukkig samen.



*Bericht uit Juba, de hoofdstad van Zuid Soedan. Op 3 Juli 2006.








View My Stats

donderdag, januari 17, 2008

Gedichtendag 2008

Weinig dingen zijn triester dan een dichter, die op Landelijke Gedichtendag thuis zit duimen te draaien, omdat hij nergens is uitgenodigd.
Gelukkig ben ik op gedichtendag 31 januari 2008 onder de pannen in Het Huis van de Poëzie in het Geldmuseum in Utrecht. Het Huis van de Poëzie is metaforisch, er zijn allerlei kamers die dichters bevatten. Zo zit ik in de Stijlkamer samen met Jean Pierre Rawie en Lévi Weemoedt en we treden om beurten op van 20.000 tot 22.00 uur.
Andere optredende dichters zijn o.a. Maarten Doorman, Luuk Gruez, Gijs ter Haar, Esther Jansma, Tonnus Oosterhoff, Ester Naomi Perquin, Ilja Leonard Pfeijffer, Alfred Schaffer, Simon Vinkenoog en Nachoem Wijnberg. En op het poëtisch spreekuur ga ik, afgewisseld met andere dichters, gedichten van bezoekers (proberen te) repareren.




View My Stats

zaterdag, januari 12, 2008

Boksende kangoeroe



Het skippybalbeest bokst al van nature.
De softenonvoorpoten zijn geen fokfout,
maar sterk genoeg voor uppercut en knock-out
of minstens een blessure van allure.

Voor ’t vrouwtje is de match slechts ouverture.
Straks zal de bokser die het langste doordouwt
degene zijn die teder op haar oor kauwt.
Ze wacht haar lot trots af als een walkure.

Ooit bleef zo’n wijfje triest onaangeroerd.
Haar minnaar maakte elders carrière
als kickbokser, nadat hij was ontvoerd:

‘Nouveau spectacle aux Folies-Bergère:
le kangourou-boxeur.’ Het beest bonjourt
zijn opponent de ring uit vol colère.










View My Stats

vrijdag, december 28, 2007

Maakbaarheid



We schiepen Herman, de transgene stier en
een doorkijkkikker vol met doorkijkdril
voor wie het bange hart beloeren wil.
De mens zit met de dieren flink te pieren.

Een rillend naakthondje, behaarde mieren
en koeien die bestaan uit enkel bil.
Een oor groeit op een muis tot een paskwil.
In varkens kweekt men mensgeschikte nieren.

Zelfs scheppers schiepen we in overschot,
eenvoudig als de schepdrop bij Jamin:
Ganesha, Horus, Jaweh, Allah, God.

Biedt dan het dierenrijk geen tegenspel?
Wij werden ooit gebaard door een apin.
De dieren schiepen dus de mens. Jawel.






View My Stats

zondag, december 23, 2007

Nieuwjaarswens


Voor alle bezoekers van mijn blog de beste wensen voor 2008. Ik heb dit jaar een bestaand gedicht genomen voor mijn digitale nieuwjaarswens. De tekening en lay-out is van Erwin Suvaal.











View My Stats

zaterdag, december 08, 2007

Heldentenor



Hij fluit naar alle vrouwen, ook al zijn
ze oud en grijs, hij kweelt zijn macho lied.
Toch blijft hij eenzaam, de kanariepiet.
Geen popje nadert op zijn liedekijn.

Hij fluit naar mannen, ’t wordt een droeve drein,
valt van zijn stokje (mijngas zie je niet).
De kompels rennen weg van ’t antraciet.
Vlak achter ze ontploft de kolenmijn.

Zo kwamen heel wat zangers om het leven.
Golden Throat Desmond was zo’n pietje
In Yorkshire heeft hij ooit de geest gegeven.

Terwijl de miners vluchtten voor het gas
bleef zijn baas Edward achter, zong een liedje*
bij zijn kanarie die gestorven was.


* Edward Vilmore zong ‘A jitterbug’s lullaby’:
Little jitterbug, don't cry,
you'll be swinging by and by.
You are just a tiny tod
and untill you grow a lot
your rattle will have to do.

donderdag, december 06, 2007

Beluga



De Rijn bergt boten, wrakken, baars en blei.
Hij zwom er of hij nooit was weggeweest,
een witte walvis, lachend sprookjesbeest.
Ook Holland kreeg zijn eigen Lorelei.

Zijn naam werd Witte Wietse, Wietske zei
men toen ‘t een zwanger wijfje bleek. Bedeesd
zwom ze langs boten, voelde zich verweesd.
In plaats van spitse bergen krib en klei.

Ze lachte niet meer, werd steeds dunner, droever.
’t Was in de jaren zestig, hippies brandden
wierook en kaarsjes voor haar op de oever.

Ze dwaalde door de IJssel, keerde om
en werd het laatst gezien in onze lage landen
toen ze bij Rotterdam de zee op zwom.
Posted by Picasa

woensdag, november 14, 2007

Dood spelelement



Een doelman schiet niet op het doel, hij moet
zijn walvisnet juist vrijhouden van ballen.
Gestressed springt hij het blauw in, laat zich vallen
op ’t leder dat hij als een kloek behoedt.

En scoren mag niet, slechts met heldenmoed
spitsen omzeilen die hem overvallen,
daarna de bal loeihard naar voren knallen.
Hij schopt de bal hoog uit met vaste voet.

Tien spelers, elf als ik de doelman bij tel,
zien plots een meeuw doodvallen op het veld:
een treffer van de keeper Eddy Treijtel.

Zo’n pechvogel is een ‘dood spelelement’.
En vloog de meeuw mét bal het doel in, telt
dat als een doelpunt, zegt het reglement.